Terug naar de changelog

Uitvoer naar de terminal, en indienen

Je meldt uitvoercontainers bij de terminal, iedereen in je organisatie kan indienen, en douanedocumenten gaan ook naar de partijen op de aangifte.

Nieuw

  • Een uitvoeraangifte op B1, B2, B4 of C1, of een transitvertrek dat op een terminal eindigt, stuur je als Portbase-melding. Per container vul je het boekingsnummer in. Je doet eerst een proefmelding. Zet je automatisch versturen aan, dan gaat de melding mee zodra de Douane de aangifte aanvaardt. Het antwoord van Portbase en van de Douane staat bij de aangifte.
  • Een verstuurde uitvoermelding vervang of verwijder je. Trek je de aangifte in, dan gaat de verwijdering vanzelf mee.
  • Vanuit je eigen software lees je de Portbase-meldingen van je organisatie, doe je een proefmelding en verstuur je een invoermelding. Noem je het MRN, dan koppelt een losse melding aan die aangifte. Elke statuswijziging kun je op een adres laten terugmelden. Een uitvoermelding die al verstuurd is, vervang of verwijder je zo ook.

Verbeterd

  • Iedereen in je organisatie kan indienen, de noodprocedure starten en een Portbase-melding versturen. De knop “Indienbevoegdheid beheren” is weg. Beheer van de organisatie blijft bij beheerders. Wie de organisatie heeft verlaten, kan niet meer namens haar indienen.
  • Op een relatie stel je per documentsoort de ontvangers in. Staat die relatie als partij op de aangifte, of als operator van de goederenlocatie, dan gaat een nieuw document naar die adressen: UTB, TTW, uitvoergeleidedocument, bevestiging van uitgang, transitbegeleidingsdocument, lostoestemming of vrijgave van de aankomst. Je eigen verwerkingsadressen blijven daarnaast staan. Een noodaangifte, een BCP-TAD en een geleidelijst gaan niet mee.
  • Opnieuw versturen toont het oorspronkelijke document en de adressen die nu zijn ingesteld, en verstuurt pas na jouw bevestiging. Een eerdere verzending blijft staan.